In de laatste week van april nam ik “Adriano il Maestro di Vino“ mijn twee dochters, Chloé en Dani, mee naar Piëmonte en Toscane voor een wijnreis naar de mooiste plekjes van deze provincies. Via luchthaven Milaan Malpensa en een tocht langs de risottovelden kwamen wij terecht in de Langhe heuvels. Het gebied waar Barolo, Barbaresco, Barbera en Roero het voor ’t zeggen hebben. Daar vind je de mooiste dorpen zoals La Morra, Monforte en Barolo.

Aan de voet van het dorp La Mora bezochten wij Bio-Barolo wijnmaker Ballarin. Met een 5 tal hectare is hij een kleine producent of eigenlijk nog een echte wijnboer, die met passie zijn bedrijf bewerkt en er net van rond kan komen. Zijn Barolo is zacht, fruitig en het is gelukkig niet nodig om deze lang weg te leggen voordat hij drinkbaar is. Dat is namelijk een vaak voorkomend euvel met Barolo en Barbaresco.

Daarna was een bezoek aan Cascina Chicco aan de beurt. Het bedrijf is met 50 hectare een van de grotere wijnproducenten van het Roero gebied. Met de modernste methoden worden hier elegante wijnen gemaakt. De mooie en moderne wijnkelder is een bezoek meer dan een waard. 

De volgende dag stond in groot contrast tot de ervaring in Piëmonte met bezoeken aan Tenuti Il Corno en Capezzana. Hier zagen wij de oude pracht en praal van het middeleeuwse Toscane.  Oude villa’s, klassieke wijnen en prachtige vergezichten over de Toscaanse heuvels.  Het dorpje Carmignano is prachtig.  

De laatste stop van die dag was bij Podere Il Paradiso ten noorden van San Gimignano.  De witte wijn heet Vernaccia en is de beste witte wijn uit Toscane. Vandaar dat Caroni die al sinds het begin als huiswijn schenkt. Il Paradiso is goed voor een heerlijke en volle warme Chianti en biedt gezellige Agritourismo aan.  Daar hebben wij als familie vroeger vele jaren gebruik van gemaakt.

Een bezoek aan Montalcino, dat ten zuiden van Siena ligt, is altijd een genot voor het oog en de smaakpupillen. Een wandeling door het middeleeuwse dorp dient te eindigen in de Enoteca van het goed onderhouden kasteel.  Inmiddels zijn er zo’n 300 Brunello producenten. Toen ik er voor het eerst kwam, 30 jaar geleden, waren er maar 130. Brunello heeft intussen naam gemaakt.  De jonge Marco Lazzeretti nam een aantal jaren geleden de boerderij, ten noorden van Montalcino, over van zijn opa en bezit nu samen met zijn zus 5 hectare en maakt een heerlijke Brunello voor elke dag. 

Daarna hebben we fantastisch geluncht bij Castello Romitorio. Romitorio, een groot landgoed ten westen, is in het bezit van de bekende kunstschilder Sandro Ghia, die geen verstand heeft van wijnmaken en dit gelukkig overlaat aan professionals. De etiketten ontwerpt hij natuurlijk wel en die weerspiegelen de kwaliteit van de wijn. Vooral de Riserva is meesterlijk maar helaas ook wat aan de dure kant. Laat dat echter geen belemmering zijn.  

Tot slot kwamen wij terecht bij Uccelliera van Adrea Cortonesi. Op 6 hectare en 3 verschillende bodensoorten, bij Castelnouvo dell’ Abate, ontstaat hier een krachtpatser van een Brunello. Wij mochten verschillende jaargangen uit eikenhouten vaten proberen totdat onze monden scheef stonden. Daarna terug naar Montalcino en s’avonds lekker gegeten bij Grappolo Blu.  

Lijkt het je geweldig om ook eens een wijnreis door Italië te maken? Dat kan via Caroni! Neem contact op met Chloé om een route en datum te bespreken via info@caroni.nl of 020-3460370.

Adriano uw Master in Italiaanse wijn

1 Comment